{"image" : "https://zantboer.nl/workspace/images/18_rev_01-1434979153.jpg", "title" : "", "thumb" : "", "url" : "" }

Implementatie wetsvoorstel UBO-register vertraagd in de Eerste Kamer

De behandeling van het wetsvoorstel voor invoering van het UBO-register heeft vertraging opgelopen in de Eerste Kamer. Het voorbereidend onderzoek door de Eerste Kamercommissie voor Financiën vindt plaats op 28 januari 2020. Op basis van de gewijzigde vierde Europese anti-witwasrichtlijn, die het invoeren van het UBO-register verplicht, zou het register uiterlijk op 10 januari 2020 geïmplementeerd moeten zijn. Door de vertraging in de Eerste Kamer is deze datum niet gehaald. Het is vooralsnog onbekend op welke datum de stemming in de Eerste Kamer over het UBO-register zal plaatsvinden. Ook is het onduidelijk of het register met terugwerkende kracht wordt ingevoerd.

Wat betekent dit UBO-register?

Vennootschappen en andere juridische entiteiten worden door het wetsvoorstel verplicht om toereikende, accurate en actuele informatie over al hun UBO’s (uiteindelijk belanghebbende) te verzamelen en bij te houden. Ook wordt een meewerkverplichting voor UBO’s opgenomen in de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) om de gevraagde gegevens voor in het UBO-register te verstrekken.

Definitie UBO

Onder UBO wordt verstaan ‘De natuurlijk persoon die de uiteindelijk eigenaar is van, of zeggenschap heeft over, een vennootschap of andere juridische entiteit.’ Dit begrip is per verschillende entiteit verder ingevuld. Kwalificatie als UBO vindt hoofdzakelijk plaats aan de hand van de volgende voorwaarden:

  • het direct of indirect houden van 25% van de aandelen, stemrechten, of eigendomsbelang van de entiteit.
  • het kunnen uitoefenen van feitelijk zeggenschap over de entiteit.

De voorwaarden van kwalificatie tot UBO verschilt per entiteit, maar in hoofdlijnen worden natuurlijke personen die direct of indirect minstens 25% belang hebben in de entiteit aangemerkt als UBO. Dit kan zowel economisch als juridisch belang zijn.

Welke entiteiten moeten informatie over hun UBO’s leveren

Niet iedere entiteit of rechtspersoon moet informatie over hun UBO’s leveren voor de invulling van het UBO register. De volgende in Nederland opgerichte vennootschappen en andere juridische entiteiten worden verplicht tot het registreren van UBO-informatie:

  • Besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
  • Naamloze vennootschap
  • Europese naamloze vennootschap
  • Europees economisch samenwerkingsverband
  • Europese coöperatieve vennootschap
  • Coöperatie
  • Onderlinge waarborgmaatschappij
  • Vereniging
  • Vereniging met volledige rechtsbevoegdheid
  • Vereniging zonder volledige rechtsbevoegdheid die een onderneming drijft
  • Stichting
  • Maatschap
  • Commanditaire vennootschap
  • Vennootschap onder firma
  • Rederij

Geregistreerde informatie UBO

De informatie over UBO’s wordt geregistreerd in een centraal register. Dit register bevat zowel openbare informatie als informatie dat alleen voor bevoegde autoriteiten zichtbaar is. De volgende informatie wordt openbaar:

  • Naam, geboortemaand- en jaar
  • Woonstaat
  • Nationaliteit
  • Aard en omvang belang

De aard en omvang van het gehouden belang zal genoemd worden in bandbreedtes van meer dan 25%, van 50% tot 75% en van 75% tot 100%

De volgende informatie wordt alleen voor bevoegde autoriteiten toegankelijk:

  • Geboortedag, -plaats en –land.
  • Adres.
  • et Burgerservicenummer (BSN) of een buitenlands fiscaal identificatienummer (TIN).
  • Afschrift van documentatie op grond waarvan de identiteit van de UBO is geverifieerd.
  • Afschrift van documentatie waarmee wordt onderbouwd waarom een persoon de status van UBO heeft en waarmee de aard en omvang van het door de UBO gehouden economisch belang wordt aangetoond.

Afscherming informatie

Een UBO kan een verzoek tot afscherming van zijn openbare UBO-informatie indienen bij de Kamer van Koophandel. Er zijn twee gronden voor afscherming:

  1. Blootstelling aan een onevenredig risico, een risico op fraude, ontvoering en dergelijke.
  2. Minderjarigheid of handelingsonbekwaamheid.

Bij de eerste afschermingsgrond betreft het op grond van de richtlijn blootstelling aan een onevenredig risico. Ter invulling hiervan is aangesloten bij de personen die de overheid op grond van de Politiewet 2012 beveiligt.

De afscherming van de informatie vindt plaats vanaf het moment dat een verzoek van afscherming is ingediend. Over het besluit tot afscherming kan een bezwaar en/of beroep worden ingediend. In geval sprake is van een afwijzing van het verzoek dan zal de afscherming van kracht blijven tot het moment dat het besluit hiertoe onherroepelijk is.


Gelieerd aan:

Lid van:

Contact

Zantboer & Partners B.V.
Postbus 8560
3009 AN Rotterdam

Bezoekadres:
Hoofdweg 54
3067 GH Rotterdam

Tel.: +31 (0)10 - 421 20 40
Fax: +31 (0)10 - 421 03 50

E-mail: info@zantboer.nl

KvK: 24369370
BTW: NL813954629B01